English

Zoeken

Vaarwegen


Feiten:

  • Europese vaarwegennet: 51.700 km lang
  • Nederlandse vaarwegennet is 5046 km lang 
  • Grootste schip is 147,15 meter (13.317 ton)
  • Kleinste schip is 39 meter (350 ton)

 

Vaarwegen Europa

Het Europese vaarwegennet heeft zo’n 51.700 kilometer aan kanalen, rivieren en meren. Daarvan is ongeveer 20.000 kilometer voornamelijk geconcentreerd in Nederland, Frankrijk, Duitsland, België en Oostenrijk. Door het fijnmazige, uitgebreide vaarwegennetwerk kun je met de binnenvaart heel veel bestemmingen in Europa bereiken. Van Rotterdam tot aan de Zwarte Zee, van Amsterdam naar Basel, van Delfzijl naar Antwerpen. Overal kunnen binnenvaartschepen goederen tot diep in het achterland van Europa brengen. Vrijwel alle grote, belangrijke industriële gebieden in West-Europa zijn met de binnenvaart te bereiken. Maar ook veel gebieden aan kleinere vaarwegen zijn met kleine vrachtschepen goed bereikbaar.


 

 

terug naar het overzicht

 

Vaarwegen Nederland

In totaal telt Nederland zo’n 5046 km aan vaarwegen, waarvan 4800 km geschikt zijn voor goederenvervoer. De hoofdtransportassen en hoofdvaarwegen zijn samen circa 1400 km lang. De overige vaarwegen hebben een gezamenlijke lengte van ongeveer 3400 km. Waterwegen zijn sinds jaar en dag aanwezig en zijn niet alleen in gebruik als vaarwegen, maar ook voor de afvoer van water. Ze vormen een compleet watersysteem.

Door de ligging aan de monding van enkele belangrijke Europese rivieren, zoals de Rijn, Maas en Schelde, is Nederland de toegangspoort tot het achterland Europa. Naast deze rivieren telt Nederland tal van kanalen en meren die de belangrijkste steden met elkaar verbinden. Hierdoor heeft Nederland een goed en fijnmazig netwerk voor het vervoer van goederen over het water.

Nederland en water zijn dus onlosmakelijk met elkaar verbonden. Enerzijds vormt het water een gevaar, waardoor we ons - noodgedwongen – experts hebben gemaakt in watermanagement. Hiermee houden we onze voeten droog. Anderzijds biedt het water voor het vervoer ook grote mogelijkheden. Al vroeg in de Nederlandse geschiedenis werd het water gebruikt voor het vervoer over de lange afstanden. En nog steeds speelt de binnenvaart een grote rol in de transport.

terug naar het overzicht

 

Klassenindeling vaarwegen

De binnenvaart is in Europa opgedeeld in zogenaamde CEMT-klasses om de afmetingen van vaarwegen in West-Europa op elkaar af te stemmen. De klassenindeling is bepaald door de Conférence Européenne des Ministres de Transport (vandaar de term CEMT-klasse).

Per klasse zijn de maximale afmetingen van het schip vastgelegd. Het weten van deze klassen aan boord is handig, omdat een schipper dan bijvoorbeeld weet welk kanaal te smal is of waar de sluizen te kort zijn voor zijn schip.

De scheepssoorten zijn in alle klassen vertegenwoordigd. Zo zijn er droge lading schepen van het formaat spits, maar ook van het formaat Groot Rijnschip. En ook tankers komen er in alle klassen (en dus diverse afmetingen) voor.

De klassenindeling is als volgt (klik voor grotere weergave):


terug naar het overzicht

 

Sluizen en bruggen

Naast rivieren en kanalen zijn ‘kunstwerken’ onderdeel van de vaarweginfrastructuur. Onder kunstwerken worden bruggen en sluizen verstaan, maar ook de stuwen, waterkeringen en scheepsliften (België, Frankrijk).

De functie van bruggen is het vormen van een verbinding op plaatsen waar verkeer bijvoorbeeld het water kruist. De andere kunstwerken hebben een waterbeschermende of vaarwegbeheersfunctie. Door hoogteverschil in en tussen de rivieren en kanalen zijn sluizen noodzakelijk. Een schutsluis is de bekendste uitvoering van een sluis. Het is een kunstwerk dat het mogelijk maakt om schepen van het ene naar het andere waterpeil te brengen. Een schip kan ermee worden opgeschut of afgeschut, respectievelijk omhoog of omlaag gebracht. Een schutsluis bestaat uit een schutkolk of sluiskolk met aan beide zijden een sluisdeur. De schutkolk is de ruimte tussen de beide stellen deuren van een schutsluis.

De verschillende kunstwerken zijn van invloed op de benutting van de vaarweginfrastructuur door de binnenvaart en bepalen in grote mate de maximale scheepsafmetingen op vaarwegtrajecten. Daarnaast zijn afmetingen en onderhoud van de vaarwegen bepalend voor de grootte van de binnenvaartschepen. De doorvaarthoogte bij bruggen vormt een specifiek aspect van de vaarweginfrastructuur voor de binnenvaart. Maar ook de afmetingen van de schutkolk bepalen de CEMT-klasse van een vaarweg en dus welke schepen hier kunnen varen.

 

 

 

 

 

 

 

terug naar het overzicht